|
||
|
||
|
1 9 - 0 5 - 2 0 0 1 Vanadylsulfaat voor beginners
Gebruikers van vanadylsulfaat rapporteren meer pomp, strakker spieren en soms ook winst in spiermassa. Wetenschappers hebben dat niet kunnen bevestigen. Een onderzoek onder dertig bodybuilders mislukte. Aanvankelijk dachten de onderzoekers dat ze een duidelijk effect hadden gevonden, maar de beginmetingen bleken niet goed te zijn uitgevoerd.
Vanadylsulfaat imiteert de werking van insuline - het hormoon dat suikers en vetten je spieren in jaagt. Het zorgt er dus voor dat je spieren meer brandstoffen binnenkrijgen. Vanadylsulfaat werkt op drie verschillende manieren:
1. Vanadylsulfaat laat allerlei enzymen die voeding omzetten in glucose, en glucose in energie, harder werken.
2. Vanadylsulfaat maakt de receptoren in de cellen waaraan insuline koppelt gevoeliger.
3. Vanadylsulfaat stimuleert de betacellen in de alvleesklier die het insulinehormoon produceren. Dat blijkt bijvoorbeeld uit Iraans onderzoek naar ratten met suikerziekte die of alleen insuline of insuline met vanadylsulfaat kregen. Na enkele weken waren de betacellen bij de ratten in de tweede groep een beetje hersteld. De ratten konden zelfs enkele weken overleven zonder insuline-injecties.
Standaarddosering: 30 milligram per dag. Sommige bedrijven gaan hoger en adviseren 60 tot 120 milligram per dag. Sommige sporters nemen nog meer omdat ze het pompeffect willen vergroten. De kans op bijwerkingen is bij zulke doseringen niet denkbeeldig.
Maximale duur van een vanadylkuur is twaalf weken.
Omdat vanadylsulfaat diaree kan veroorzaken, kun je de dagelijkse hoeveelheid het beste verdelen over de dag.
Vanadiumverbindingen zorgen voor een ophoping van water in het lichaam. Ze vergroten het dorstgevoel en ze verminderen de afgifte van urine. Dat komt omdat vanadylsulfaat de rem zet op de aanmaak van ureum. Ureum is een afbraakproduct van eiwit. Mogelijk is het die waterophoping - en misschien de ophoping van ureum - die de gespannen spieren en de toename van de spiermassa bij vanadylgebruikers veroorzaakt.
1. Shafrir E, Spielman S, Nachliel I, Khamaisi M, Bar-On H, Ziv E.
Treatment of diabetes with vanadium salts: general overview and amelioration of nutritionally induced diabetes in the Psammomys obesus gerbil.
Diabetes Metab Res Rev, januari 2001 17(1), blz. 55-66.
[PubMed]
2 2 - 0 4 - 2 0 0 4 Vanadylsulfaat knijpt je bloedvaten dicht
Amerikaanse onderzoekers maken zich zorgen over mensen die vanadiumsupplementen gebruiken of via hun werk vanadiumstof binnenkrijgen. Uit proeven van de onderzoekers blijkt dat vanadylsulfaat vaten dichtknijpt en daardoor de kans op hart- en vaatziekten verhoogt.
De hype is er een beetje van af, maar sporters gebruiken nog steeds vanadylsulfaat. De verbinding, zegt de supplementenindustrie, is anabool doordat het de cellen gevoeliger maakt voor insuline.
Toxicologen kennen echter ook minder gezonde aspecten van de stof. Makers van boilers en arbeiders in energiecentrales krijgen vaak dichtgeslibte bloedvaten in hun longen omdat ze door hun werk vanadiumstof binnenkrijgen. Onderzoekers vonden dezelfde effecten bij dieren die vanadium door hun drinkwater kregen. Als dat bij mensen ook zo werkt, kunnen gebruikers van vanadylsulfaat een hoge bloeddruk krijgen en hebben ze meer kans op kapotte vaten in longen en hersenen.
Eerder hadden de onderzoekers een mogelijk mechanisme achter het toxische effect ontdekt. Vanadylsulfaat tast in de vaatwand - het epithelium - het enzym NO-synthase aan. Afgekort noemen de onderzoekers het enzym eNOS. In het hier besproken onderzoek probeerden de Amerikanen door proeven op longen van konijnen en vaatwandcellen van mensen te achterhalen of die theorie klopt.
Hieronder zie je hoe de bloeddruk in de longvaten van de konijnen steeg na toevoeging van vanadylsulfaat. Bij een concentratie van 5 micromol per liter, tenminste. Een lagere concentratie had weinig effect.
Dat het supplement iets doet met NO, bleek toen de onderzoekers de stof PAPANONOate toevoegden. De bloeddruk in de met vanadylsulfaat behandelde konijnenlongen verminderde daardoor. PAPANONOate valt uiteen in NO.
Hieronder zie je de verhouding tussen nitriet en nitraat in de konijnenlongen. Dat is een maat voor de concentratie NO.
Hieronder zie je een soortgelijke vergelijking. Het gaat daarbij niet om metingen in konijnenlongen, maar in menselijke vaatwandcellen. Weer zie je dat vanadylsulfaat ook in humane cellen de aanmaak van NO remt.
Toen de onderzoekers de metingen in de konijnenlongen herhaalden met de proteïne kinase C-remmer calphostin C - afgekort tot CP - zagen ze dat CP het effect van de vanadiumverbinding op de bloeddruk verminderde.
De PKC-remmer verminderde ook het dempend effect van vanadylsulfaat op de aanmaak van NO.
Door die proef wisten de onderzoekers wat vanadylsulfaat precies deed. Calphostin C voorkomt dat er aan het 495ste aminozuur - threonine - van het enzym eNOS een fosforgroep komt te hangen. Op die plek plakt vanadylsulfaat kennelijk fosfaatgroepen. eNOS werkt dan niet meer goed omdat het die plek nodig heeft om een binding met calciumcalmoduline aan te gaan.
Voor de zekerheid deden de onderzoekers nog een proef met de menselijke cellen. Daaraan voegden ze stoffen toe die oplichtten door moleculen eNOS - als die op de bewuste plek tenminste fosfaatgroepen hadden hangen.
Vanadylsulfaat saboteert het enzym dat NO maakt. NO, door populair-wetenschappelijke media als dat van ons steevast omschreven als 'het goede radicaal', is belangrijk voor het open houden van de vaatwanden. Omdat er in de longen kwetsbare vaten zitten, leiden grote hoeveelheden vanadylsulfaat tot een verhoogde bloeddruk in de longen - en misschien ook elders in het lichaam.
Nu is er een wereld van verschil tussen mensen van vlees en bloed en de weefsels en cellen waar de auteurs zich mee bezig hebben gehouden. Het is niet zo moeilijk om in reageerbuizen hoger concentraties te krijgen dan je vindt in de lichamen van supplementengebruikers.
Maar dit keer niet. De hoogste aanbevolen dosering van een supplementenbedrijf voor vanadylsulfaat die we kennen is honderdtwintig milligram per dag. Als je dat slikt, en uitgaat van een halfwaardetijd van twaalf dagen en een biobeschikbaarheid van vijftien procent, dan kom je na zes weken op een stabiele concentratie vanadylsulfaat die de onderzochte concentratie van de onderzoekers akelig benadert.
De meeste bedrijven adviseren dertig milligram vanadylsulfaat per dag. Daarbij bereikt de concentratie in je lichaam niet dat gevaarlijke niveau.
Li Z, Carter JD, Dailey LA, Huang YC. Vanadyl Sulfate Inhibits NO Production via Threonine Phosphorylation of eNOS. Environ Health Perspect. 2004 Feb;112(2):201-6. [PubMed] |
|
|