|
||
|
||
|
0 1 - 0 2 - 2 0 0 4 Vet verbranden gaat sneller met L-carnitine
Het eiwitsparende en vetverbrandende aminozuur L-carnitine werkt beter bij getrainde ratten dan bij ongetrainde. Dat zeggen Braziliaanse supplementenonderzoekers in een grondig onderzoek dat op het eerste gezicht regelrechte reclame is voor de supplementenindustrie.
L-Carnitine loodst vetzuren de mitochondria in, die ze verbrandt. Hoewel de lever carnitine maakt van lysine, geloven supplementenmakers dat extra L-carnitine de vetverbranding stimuleert en eiwit spaart. Daarom stoppen ze het in fat burners.
De Brazilianen vroegen zich af hoe het aminozuur werkt bij langdurige inspanning, als het lichaam so-wie-so veel vet verbrandt. Om daar achter te komen gaven ze ratten elke dag 28 milligram L-carnitine per kilo lichaamsgewicht, vier weken lang. Een controlegroep kreeg niets.
De Brazilianen verdeelden hun carnitine- en placeboproefdieren weer in twee groepen. De ene groep trainde niet, de andere kreeg een gewichtje aan hun staart - vijf procent van het lichaamsgewicht - en moest zes keer per week een uur zwemmen. Er waren in totaal dus vier groepen: een groep die niet trainde (CoSe) en geen carnitine kreeg, een groep die trainde (CoT), een groep die carnitine kreeg (SuSe) en een groep die trainde en ook carnitine kreeg (SuT).
Na vier weken testten de onderzoekers het uithoudingsvermogen van hun dieren op een nogal wrede manier: ze zetten ze in diep water en lieten ze zwemmen tot ze het niet meer konden volhouden en kopje onder gingen. De onderzoekers maten daarbij de tijd dat de dieren het volhielden, en haalden de ratten dan uit het water. Hieronder zie je de tijden van de dieren.
Daarna slachten de onderzoekers de dieren en onderzochten ze hun bloedplasma en de spiervezels in de soleus - een spiergroep die vooral uit de langzame spiervezels bestaat, het vezeltype dat duursporters aanspreken.
In de spiervezels bepaalden de onderzoekers de hoeveelheden van een aantal stoffen die ontstaan als de cellen het vetzuur oliezuur omzetten in energie. Voor de fijnslijpers: ze maten de gedecarboxyleerde oliezuurketens, waarvan enzymen de COOH-kop hadden afgeknipt. Daarnaast maten de Brazilianen de hoeveelheid pyruvaat en glucose.
De figuur maakt duidelijk dat de spiercellen minder glucose, minder pyruvaat en meer oliezuur waren gaan verbranden.
Een analyse van het bloed van de ratten bevestigde dat beeld. Ratten die L-carnitine hadden gekregen hadden meer glucose in het bloed en minder melkzuur - dat ontstaat bij de verbranding van koolhydraten. [Tabel]
L-Carnitine bij mensen Met het artikel van de Brazilianen in het achterhoofd kun je verwachten dat sporters en afslankers profijt hebben van L-carnitine. De onderzoeken naar menselijke gebruikers van L-carnitine zijn echter teleurstellend verlopen.
In de late jaren negentig hebben onderzoekers L-carnitine wel eens aan mannelijke amateurbodybuilders gegeven. De sporters kregen zestig dagen lang een gram van het aminozuur - zonder effect op de vet- en spiermassa.(2)
Een paar jaar deden Australische onderzoekers een soortgelijke proef, maar dan met vrouwen met overgewicht. De vrouwen kregen twee keer per dag twee gram L-carnitine, en liepen vier keer per week hard, dertig minuten achter elkaar. Na acht weken maten de onderzoekers de veranderingen in hun lichaamssamenstelling, en vergeleken die met een groep van vrouwen, die hetzelfde trainingsprogramma had gevolgd maar geen L-carnitine had geslikt.
Het enige effect dat de Australiërs vonden was dat meer dan een kwart van de achttien vrouwen in de carnitinegroep had afgehaakt omdat ze diaree en andere buikklachten kregen. Er was geen effect op het vet- en spierweefsel.(3)
L-Carnitine voor jong en niet voor oud Ontwikkelaars van vis- en diervoer hebben ontdekt waarom L-carnitine in de praktijk niet werkt. Volwassen dieren maken het in zulke grote hoeveelheden aan, dat toevoeging aan voer de verbranding van vet niet meer verhoogt. Het werkt, ontdekten ze bij onderzoek naar vissen, alleen bij jonge dieren, bij wie de natuurlijke aanmaak van L-carnitine nog goed niet op gang is gekomen.
Dat is interessant voor de voerindustrie. Vet is goedkoop, eiwit duur. Voegt de fabrikant L-carnitine aan zijn voer toe, dan kan er minder eiwit in het voer en meer vet, terwijl het dier net zo hard groeit.
(Tussen twee haakjes: het grote verschil tussen mensen en vissen is dat mensen minder makkelijk eiwit verbranden. Als L-carnitine niet werkt bij volwassen vissen, dan is het niet waarschijnlijk dat volwassen mensen er meer eiwit door uitsparen.)
Terug naar de Braziliaanse studie. Hoe oud de proefdieren waren zeggen de onderzoekers niet. Wel schrijven ze dat het ging om mannelijke Wistarratten met een gewicht tussen de 150 en 200 gram. Aha.
Wistarratten leven een paar jaar. Uitgepuberde mannelijke Wistarratten van drie maanden oud wegen gemiddeld 330 gram. De dieren waarmee de Brazilianen proeven deden waren nog jong. Hun studie, hoe interessant ook, zegt weinig over volwassen mensen.
1. Bacurau RF, Navarro F, Bassit RA, Meneguello MO, Santos RV, Almeida AL, Costa Rosa LF.
Does exercise training interfere with the effects of L-carnitine supplementation?
Nutrition. 2003 Apr;19(4):337-41.
[PubMed]
Soms is L-carnitine anabool
Er is één groep mensen waarbij L-carnitine wel degelijk werkt: ouderen. Dat blijkt uit een Italiaans onderzoek onder 42 ouderen met klachten van vermoeidheid. De ouderen kregen allemaal een dieet dat was samengesteld door de Italiaanse equivalent van onze Hartstichting.
De onderzoekers verdeelden hun proefpersonen in twee groepen. De ene kreeg twee per dag een placebo, de andere twee keer per dag twee gram L-carnitine. Voor de 'kuur', die dertig dagen duurden, en daarna, onderzochten de Italianen hun proefpersonen. De tabel hieronder geeft aan wat er in die dertig dagen met de twee groepen was gebeurd.
De onderzoekers bepaalden de vermoeidheid van hun proefpersonen aan de hand van een vragenlijst. Acht vragen gingen over lichamelijke vermoeidheid, vijf over geestelijke vermoeidheid.
Bijwerkingen kwamen niet voor.
De teneur van het proefdieronderzoek naar L-carnitine laat zien dat het werkt bij jonge dieren, maar niet bij volwassen exemplaren. Ook bij volwassen mensen zijn de resultaten niet bemoedigend, waarschijnlijk omdat volwassenen zoveel carnitine aanmaken dat suppletie er niet toe doet. Maar dit onderzoek suggereert dat dat bij senioren anders is.
Pistone G, Marino A, Leotta C, Dell'Arte S, Finocchiaro G, Malaguarnera M. Levocarnitine administration in elderly subjects with rapid muscle fatigue: effect on body composition, lipid profile and fatigue. Drugs Aging. 2003;20(10):761-7. [PubMed] |
|
|